Internet, sociale media, politie en de digitale samenleving

Day Zero Project – nog:

Pagina’s

Recente reacties

Recente posts

Populaire posts

Tweets

No public tweets

Categorieën

Archives

  • 2012 (7)
  • 2011 (28)
  • 2010 (41)
  • 2009 (33)
  • 2008 (42)

Links:

Creative Commons License

Archive for the year 2008

Welgeleerde buitenstaanders over internet

796784260 5f205fc02f 300x168 Welgeleerde buitenstaanders over internet

In augustus las ik op ZBDigitaal een interessante leestip; een boekje met de titel ‘Beter internet. Welgeleerde buitenstaanders over Web 2.0’, dat ik vervolgens heb aangeschaft en gelezen! Het is geschreven onder redactie van Karen Spaink en één uit een serie van vier over internet in de komende tien jaar. In dit boekje komen naast Karen Spaink vier mannen aan het woord: hoogleraar informatierecht Bernt Hugenholtz, directeur Sociaal Cultureel Planbureau Paul Schnabel, hoogleraar sociologie Abram de Swaan en consultant technologische cultuur Michiel Schwarz.

Alhoewel niet iedereen even positief is over de inhoud van het boek, vond ik het toch interessant genoeg om in elk geval de ideeën van de vier heren samen te vatten en er mijn mening over te geven.

Informalisering maakt mensen onzeker

Na de algemene introductie van Karen Spaink over web 2.0 volgt een interview met Paul Schnabel. Schnabel geeft aan dat er altijd behoefte zal zijn aan experts, omdat zij het inzicht hebben of de geboden informatie betrouwbaar en volledig is. Hier zullen bibliothecarissen (informatiespecialisten) opgelucht over zijn. Volgens Schnabel is informalisering een zich voortzettende trend die wordt benadrukt door de informele omgangscultuur die op internet gewoon is. Dit maakt het ook vrijblijvender; op internet zijn veel mensen heel openhartig, maar wel onder een schuilnaam, zodat er geen consequenties aan verbonden kunnen worden. Ik denk dat hier enige nuancering mogelijk is, zie bijvoorbeeld één van mijn laatste posts over anonimiteit op internet. Schnabel zegt dat informalisering en individualisering mensen onzeker maken, omdat mensen op zoek moeten naar wie ze zijn en iets moeten doen om aan te tonen wie ze zijn.

Plaatsbepaling binnen de kosmos der smaken

Abram de Swaan is de tweede ‘buitenstaander’ die aan het woord komt. Intrigerend vond ik de drie beroepen (‘experts’) die De Swaan overbodig noemt in het huidige internettijdperk: notarissen, apothekers en makelaars. Volgens De Swaan hebben notarissen geen enkele maatschappelijke functie, zijn apothekers voortdurend bezig je uit te leggen dat ze belangrijke kennis hebben en zijn makelaars niet echt gestudeerde mensen die dankzij internet geen monopolie meer hebben. De Swaan noemt het wonderlijk hoe deze beroepsgroepen, deze experts (met name de eerste twee) zich weten te handhaven zonder dat ze enige aanwijsbare functie over hebben. Vervolgens gaat De Swaan in op culturele referenties die mensen op internet in kaart brengen door middel van profielensites. Iemands cultureel kapitaal wordt daarmee duidelijk en zo ontstaan groepen. Volgens De Swaan gaat het hier niet om persoonlijke informatie, maar is het een sociale kenschets. Hier vind ik wel wat voor te zeggen. Op mijn Hyves-profiel kun je – als je mijn vriendje bent – weliswaar zien op welke school ik heb gezeten en welke sport mijn favoriet is, maar zegt dat ook werkelijk iets over mijn persoonlijkheid? Het geeft slechts wat van mijn culturele bagage aan, maar meer dan algemeenheden die ook voor andere mensen kunnen gelden, zijn het niet.

De drang om gezamenlijk te scheppen was er altijd al

Bernt Hugenholtz benadert vooral de privacykant van de internetzaak. Hij noemt de omslag van Web 1.0 naar Web 2.0 eerder een sociologische dan technologische verandering. Interessant, zei de socioloog icon wink Welgeleerde buitenstaanders over internet . De co-creatie zoals in wiki’s gebeurt is in de wetenschap eigenlijk niet nieuw en sluit zelfs aan op de aloude idealen van de wetenschap: informatie delen, gezamenlijk iets maken, alles zo snel mogelijk openbaar maken en voorwerp van kritiek laten zijn en voortbouwen op elkaars kennis en die verbeteren. Zo had ik het zelf tijdens mijn studie nog niet heel erg ervaren! Hugenholtz denkt dat het ‘meervoudig makerschap’ niet hoeft te leiden tot nieuwe opvattingen over het auteursrecht. Veel mensen willen hun creatieve prestaties juist graag delen en van daaruit geredeneerd zou auteursrecht niet meer nodig zijn. We hebben het soms nodig en wellicht dat het ‘moreel recht’ (dat jouw naam blijvend met je eigen werk verbonden is) ervoor in de plaats kan komen. Lijkt me een goed idee!

Hugenholtz was naar aanleiding hiervan onlangs nog op diverse blogs te vinden, zoals op die van Henk Blanken en Arnoud Engelfriet; Hugenholtz zou beweerd hebben dat bloggers geen rechten hebben, omdat ze zo graag gelezen willen worden dat ze stilzwijgend toestemming geven voor hergebruik. Dit bleek iets te zwart-wit neergezet en het vrijgeven voor kopiëren en hergebruiken geldt voor bloggers die bijvoorbeeld niet gebruik maken van de licentie van Creative Commons. Ik doe dat wel.

Als het gaat om het schrappen van beroepen, noemt Hugenholtz de muziekuitgever en de platenproducent; veel meer dan rechten beheren doen deze ‘experts’ niet. Hij vindt het verder positief dat de toegankelijkheid van basiskennis op bijvoorbeeld het terrein van auteursrecht is vergroot waardoor ook meer discussie is ontstaan. Daar heeft hij gelijk in, alhoewel deze discussie op internet vaak internetgerelateerd is!

Koorddansen op de slash

Michiel Schwarz komt als laatste aan bod. Volgens Schwarz leven we in een netwerksamenleving, zowel offline als online. Hij heeft wat moeite met de term ‘web 2.0’ omdat veel van wat onder die noemer wordt geschaard, al normaal wordt gevonden in de gewone wereld. Tot die constatering kwam ik zelf ook al eens! Hij is het niet eens met de scheiding tussen fysiek en digitaal, omdat dit juist alles met elkaar te maken heeft. Rond informatie spelen juridische problemen, zoals welke informatie betrouwbaar is, wie er verantwoordelijk voor is en waar je het mag neerzetten. Vandaar de discussies over auteursrecht bijvoorbeeld.

Onze cultuur is door en door met technologie verbonden en we moeten continu een discussie voeren om te zorgen dat de cultuur blijft bestaan. Waar niet (meer) over gesproken wordt, is niet belangrijk (meer). Er is sprake van een schijntegenstelling tussen de fysieke en virtuele wereld; dat uit zich in de veelheid aan begrippen met een schuine streep ertussen: realiteit/virtualiteit, formeel/informeel, producent/consument, zender/ontvanger. We koorddansen op deze ‘slashes’ terwijl we proberen te ontdekken welke van de twee geldig is. Maar misschien zijn ze dat allebei wel. De cultuur is veranderd door technologie en vervolgens verandert de betekenis van technologie in onze cultuur.

Plaatje geleend van the trial.

Presidentsverkiezingen Amerika tot in Second Life

De hele wereld volgt de aanloop naar de presidentsverkiezingen in Amerika en internet wordt door beide kandidaten ingezet als medium om stemmen te winnen. Obama doet dit misschien nog iets meer/beter dan McCain. Zo kwam onlangs in het nieuws dat Obama via de iPhone campagne voert én dat zijn advertenties sinds kort te vinden zijn in de game Burnout Paradise op de XBox 360.

Vandaag stuitte ik op een YouTube-filmpje waarin een vrouw (of eigenlijk: haar avatar!) vertelt dat zij in Second Life ‘langs de deuren’ gaat om de boodschap van Obama te verspreiden. Intrigerend hoe de virtuele wereld de echte wereld in zekere zin weerspiegelt.

Vrouwen en internet

Vrouwen versus mannen. Of het verschil in gedrag tussen de twee geslachten nu daadwerkelijk biologisch van aard is of dat de opvoeding/omgeving de bepalende factor is: er ís verschil in gedrag. Ook op internet. Als grrl interesseert mij natuurlijk het internetgedrag van vrouwen. Naar internetgedrag in het algemeen wordt regelmatig onderzoek gedaan en er blijken verschillen tussen mannen en vrouwen, onder te verdelen in een aantal onderwerpen.

Netwerken

Web 2.0 gaat over interactie en delen. Dat betekent dus communicatie waar vrouwen nu eenmaal anders in staan dan mannen. 84% van de Nederlanders zit in enige mate op internet; vrouwen en mannen ongeveer evenveel. Vrouwen (en dan vooral vrouwen tussen 14 en 24 jaar) bevinden zich in grotere getale dan mannen op online netwerken. Dit geldt alleen niet voor LinkedIn, waar meer mannen actief zijn.
Voor Hyves blijkt de verhouding man-vrouw overigens iets gelijker te zijn.

Bloggen

Als het gaat om bloggen zijn vrouwen in opkomst. De Volkskrant deed onderzoek naar netwerken voor bloggende vrouwen en kwam tot de conclusie dat vrouwen steeds beter zijn vertegenwoordigd op weblogs en hier ook steeds meer erkenning voor krijgen. Natuurlijk viel de onderzoekers ook het blog Dutch Cowgirls op! Naar aanleiding van de start van dit blog spreekt Jeroen Mirck van de feminisering van internet, alhoewel hij ook aangeeft dat de vernieuwde impuls in ‘vrouwenmarketing‘ grote onzin is.

2798850223 d5992636d5 300x199 Vrouwen en internet

Aankopen

Vrouwen zijn in meerderheid (een algemeen bekend percentage is 80%) verantwoordelijk voor de aankopen in het gezin en dit doen zij ook, en zelfs voor hoge bedragen, op internet. Uit onderzoek onder Britse vrouwen (30-40 jaar) blijkt dat shoppen (goederen en reizen) een belangrijke motivatie is om op internet te vertoeven. De aankopen die vrouwen doen blijken vaak niet alleen voor zichzelf te zijn. Vrouwen zijn meer geneigd om gratis producten aan te vragen en acties door te sturen.

Zoeken op internet

Uit een Amerikaans onderzoek dat ik bij het organisatie- en adviesbureau Present Media vond, blijkt dat vrouwen internet meestal zoeken naar productinformatie, informatie over gezondheid of informatie over reizen in het kader van ‘kijk en vergelijk’. Mannen zijn vooral geïnteresseerd in weer- en nieuwssites (met name financieel nieuws) en het downloaden van muziek.

Carrière

In de ICT-sector blijken vrouwen op weg te zijn naar de top. Ook Viva probeerde met de Viva 400 aan te tonen dat het met vrouwen (online én offline) echt zo slecht nog niet gaat. Hoofdredacteur Corinne van Duin op Dutch Cowgirls:

“Zodra het onderwerp vrouwen & carrière aan bod komt is het in Nederland meteen tobben geblazen. Taskforce Vrouwen aan de top, Glazen Plafonds, poldermoeders, dure kinderopvang – allemaal enge termen voor zeurderige werkverhalen. Dat de werkelijkheid er veel rooskleuriger uitziet, bewijst de lijst van Viva 400 met louter succesvolle jonge vrouwen. Zij zijn helemaal niet bezig met het springen van Glazen Kliffen en zitten ook niet te dubben over het percentage seksegenoten dat deelneemt aan het arbeidsproces. Deze vrouwen gáán er gewoon voor. Ze zijn gedreven en doen waar ze goed in zijn én lol in hebben. En zo bereiken ze stuk voor stuk de top.”

Al met al verschilt het gedrag van vrouwen op internet eigenlijk niet veel van het gedrag in de echte wereld; echt schokkende resultaten heeft mijn zoektocht niet opgeleverd. En dat is ook wel weer een resultaat. Nog een laatste feitje dan; een kwart van de Nederlandse vrouwen laat zich inspireren door… vrouwen!

Tot slot: voor wie niet gelooft dat vrouwen over de wereld heersen, moet dit filmpje maar eens bekijken! icon wink Vrouwen en internet

Plaatje geleend van tuexperto_com5

Anoniem: moet kunnen!

Meer dan een tipje van de sluier van wie ik ben, heb ik niet gegeven tot nu toe. En dat zal ook wel zo blijven. Daar heb ik zo mijn redenen voor. Edwin schreef vandaag dat hij het te beperkt vindt als mensen op internet ervoor kiezen om anoniem te blijven. Anoniem is anoniet, vindt hij.

Daar ben ik het niet mee eens en in plaats van op zijn blog een veel te lange reactie te plaatsen, doe ik het bij deze op mijn eigen blog. Edwin kreeg veel reacties op zijn post, maar veel daarvan waren verontschuldigingen/bekentenissen (reacties als “mijn echte naam is makkelijk te vinden via Google” en “als je maar weet wie ik echt ben toch?”) en mensen die het helemaal met hem eens zijn. Behalve schrijverdezes dan. Op de blog van Jan vond trouwens een paar maanden eerder ook discussie plaats over de (on)gewenstheid van anonimiteit.

Ik vind dat het gaat om de inhoud, niet om de vorm. Het is niet belangrijk of je mij in het echte leven nu wel of niet kent, maar of je mijn ideeën en verhalen interessant vindt. Sommige mensen zeggen: “Waarom zou je niet je persoonlijke gegevens delen, je hebt toch niets te verbergen?”. Dat is nu juist het punt niet. Ik héb niets te verbergen maar dat wil niet zeggen dat de hele wereld allerlei persoonlijke gegevens over mij hoeft te hebben, die net zo goed misbruikt kunnen worden; immers internet is van iedereen, delen 2.0 of niet! Dus, beste lezer, vat het niet persoonlijk op dat ik niet alles met je deel, het ligt niet aan jou, maar aan de unieke eigenschappen van internet waarvan we de gevolgen nu nog niet goed kunnen overzien. Als ik weet dat we ergens op hetzelfde moment zijn, sta ik open voor een kennismaking. Dat ging zo ook met Liesbeth laatst.

Een laatste punt dat Liek maakt, is dat mensen die anoniem worden geen verantwoording hoeven af te leggen, dat is lekker veilig voor hen. En dat als je niet meer anoniem bent, je tenminste beter nadenkt over wat je schrijft. Misschien geldt dat inderdaad voor veel anoniemelingen, maar voor mij zeker niet! Ik doe mij ook niet anders voor op internet dan in het echte leven. Dat vind ik namelijk niet eerlijk. Voor mij is de digitale wereld net zo goed een echte wereld!

Om mijn online identiteit toch nog een beetje menselijk te maken, sta ik er wel met een foto op en schrijf ik ook weleens iets persoonlijks, zoals over mijn vader en moeder. En daar moet mijn lezer het maar mee doen.

Tot slot: anonieme reacties op mijn eigen blog krijg ik niet zoveel maar ik kan begrijpen dat deze net iets minder leuk zijn omdat je in eerste instantie niet weet wie erachter zit. Totdat diegene vaker reageert en er een bepaald beeld van diegene ontstaat; dan maakt het mij echt niet uit of hij/zij zichzelf volledig prijsgeeft op internet of niet. Als hij/zij maar zinnige dingen zegt! icon smile Anoniem: moet kunnen!

natalie 2008 Anoniem: moet kunnen!

p.s. het is toch opmerkelijk dat uit een recent onderzoek blijkt dat tieners sociale netwerken steeds meer links laten liggen vanwege het imago van deze tieners én omdat ze steeds voorzichtiger worden in het delen van persoonsgegevens…

Het medialandschap verandert voorgoed

2598816622 048093aecb 300x199 Het medialandschap verandert voorgoedVroeger had je de krant en je had de radio. Daarmee hielden de mogelijkheden tot nieuwsgaring op. De tv kwam erbij en nog een aantal decennia later internet. Dat internet is nog volop in ontwikkeling; momenteel vindt steeds meer participatie plaats van mensen die over van alles en nog wat schrijven en van alles en nog wat ontwikkelen. Dat alles wordt door al deze mensen met elkaar gedeeld. Dat betekent dat weinig van wat je op internet produceert je eigendom kunt noemen. Zo kan één iemand een heel goed en origineel artikel schrijven en nog geen dag later hebben 10 andere sites het artikel – vaak in iets gewijzigde vorm – overgenomen. Dit overnemen gebeurt uiteraard nog het meest op de bekendere sites (ik ben het betere knip- en plakwerk vanaf mijn blogje in elk geval nog niet tegengekomen! icon wink Het medialandschap verandert voorgoed ).

(un)wisdom of crowds?414915472 2b23489aa8 300x291 Het medialandschap verandert voorgoed

Interessant is het verschijnsel dat nieuws op internet vanzelf waar wordt, of het dit nu is of niet. Dat is de schaduwzijde van de wisdom of crowds: de massa kan van een leugen een waarheid maken simpelweg door er met z’n allen over te schrijven alsof het de waarheid is. Bedrijven kunnen zo gemaakt of gekraakt worden en als individuele blogger moet je daardoor altijd goed opletten waar je je informatie vandaan haalt. De betrouwbaarheid ervan wordt steeds lastiger te bepalen.

Blogs en traditionele media versmelten

Vorige week schreven Webwereld en Marie-José Klaver over de wisselwerking tussen de ‘gevestigde’ journalistiek en hetgeen op internet plaatsvindt wat je zou kunnen scharen onder de noemer journalistiek. En hiermee begeef ik mij op een enigszins gevaarlijk terrein want veel journalisten zien niet in dat internet kansen biedt als het gaat om nieuwsgaring en -deling! Toch blijkt dat steeds meer journalisten starten met bloggen en dat steeds meer (journalistieke) nieuwsblogs worden ondergebracht bij grote uitgevers. Niet zo’n gekke ontwikkeling eigenlijk als je de duizelingwekkende cijfers over blogs bekijkt die Technorati heeft verzameld:

  • 133 miljoen blogs wereldwijd
  • 77,7 miljoen bezoekers per jaar (in de VS)
  • 37.000 berichten per uur
  • 10,4 berichten per seconde

Medialandschap in 2015

Het lijkt er dus op dat blogs steeds meer worden gezien als nieuw (waardevol?) medium om rekening mee te houden. Hilde van der Kaa doet voor haar MBA-studie onderzoek naar het medialandschap en hoe deze er in 2015 uit zal zien. Zij schreef onder andere op Frankwatching over haar onderzoek en roept mensen werkzaam in de media op om deel te nemen aan haar onderzoek. Volgens Van der Kaa is de consument, of wat ik liever zou willen noemen de ‘prosument’ (naar het Engelse ‘prosumer‘) nu aan de macht en de media zullen een nieuwe manier moeten vinden om hiermee om te gaan. Een interessante ontwikkeling om te blijven volgen!

Plaatjes geleend van Ben Terrett en Brit.

Girls aan de top

Allang breed uitgemeten in het nieuws, maar ik doe ook nog even mee: het vrouwenblad Viva presenteert de Viva 400, als tegenhanger op de Quote 500. Inderdaad, we hebben het hier dan over de volgens Viva 400 meest succesvolle vrouwen van Nederland! Leuk initiatief!

Gisteravond was er een groot diner waarop onze minister van Onderwijs, Ronald Plasterk, de lijst officieel presenteerde. Bloggirls van Dutch Cowgirls en Molbog waren er op uitnodiging bij.

De lijst heeft een aantal categorieën (zakelijk, rijk, goed, creatief, slim, stoer en aanstormend) en er staan bekende en minder bekende vrouwen in, maar wél onder 37 jaar oud; girls dus! icon smile Girls aan de top

679853638 cc68bd01bc 300x227 Girls aan de top

Plaatje geleend van BAE JaeYong

Van Dale 2.0?

Dé autoriteit op het gebied van de Nederlandse taal is toch wel Van Dale. Ik maak regelmatig gebruik van het online woordenboek, ook al is deze maar beperkt. Ik heb namelijk geen rij woordenboeken in mijn kast staan!

Het was altijd wel jammer als je dan je woord niet kon vinden. In nieuwsbrief 818 van Taalpost van het Genootschap Onze Taal lees ik dat Van Dale eindelijk het gehele woordenboek gratis beschikbaar zal maken op haar site! Dat noem ik nou nog eens een goede actie. De zoekmogelijkheden worden uitgebreid en ook zullen er vertaalwoordenboeken voor Frans, Duits en Engels zijn! Wauw!vandale Van Dale 2.0?

Maarrrr… de adder: om de woordenboeken te kunnen raadplegen, moet je abonnee zijn en dát kost geld (tot 1 oktober overigens gratis). Het kost je tussen de € 2 en € 12 per maand om toegang te hebben tot het woordenboek van je keuze. Voor een organisatie, bijvoorbeeld een bibliotheek die het op publiekspc’s aan haar klanten beschikbaar kan stellen, is dit wel een mooie optie denk ik! Voor mijzelf zie ik het toch niet zo zitten. Dan maar andere sites, zoals woordenlijst.org raadplegen.

Van Dale vernieuwt en stelt online content beschikbaar wat heel mooi is, maar écht 2.0 is het helaas niet… ach ze moeten ook een boterham verdienen; alleen niet aan mij!

Sociale netwerken onder de loep

Wie web 2.0 zegt, zegt sociale netwerken. Iedereen kent Hyves, dus dit wordt, in elk geval door mij, vaak als voorbeeld gebruikt om uit te leggen wat nu precies web 2.0 inhoudt. Wat zijn de kenmerken van deze profielensites en hoe ontwikkelt dit fenomeen zich?

hyves 300x79 Sociale netwerken onder de loep

Het lijkt de gewoonste zaak van de wereld dat we onszelf presenteren op Hyves, Facebook, MySpace of LinkedIn. Dat we anderen op die sites gaan bekijken en reacties bij elkaar achterlaten. Maar eigenlijk is die vanzelfsprekendheid niet terecht. Zo bestaan Hyves en Facebook pas sinds 2004. Het was voor het eerst dat er profielensites kwamen waarbij kennis van HTML niet vereist was om iets moois van je profiel te maken. Immens populair is Hyves nu, met zo’n 7 miljoen leden. Ook een aantal politici en andere BN-ers hebben Hyves ontdekt als… ja als wat eigenlijk? Ik kan me toch nauwelijks voorstellen dat politici er stemmen mee winnen in de verkiezingen. Jan Peter B. heeft 140.000 vrienden, maar of zij op hem zullen stemmen?

Veel vrienden = veel faam2056290031 c09a1a9672 260x300 Sociale netwerken onder de loep

Het gáát bij de profielensites om het aantal vrienden. Hoe meer, hoe beter want je bent wie je kent! Heb je er teveel, dan moet je betalen. Maar politici en andere bekende Nederlanders zijn uitzondering op de regel. Op Hyves lees ik: “Politici, artiesten en andere BH’ers (hyvende BN’ers icon wink Sociale netwerken onder de loep ) hebben een speciaal profiel waardoor ze met duizenden vrienden en fans contact kunnen houden. Om het netwerk niet te laten verwateren, zijn hun vrienden geen vrienden van vrienden van elkaar, ze tellen dus niet mee in de connecties.” Wie snapt het nog?

Bekende profielensites

Hyves is er voor ‘de lol’, voor vrienden en vage kennissen, terwijl LinkedIn het zakelijke netwerk dekt. Menig werkzoekende heeft inmiddels via LinkedIn een baan gevonden en met een lijstje mensen in je netwerk heb je altijd een ‘mannetje’, slechts een enkele muisklik verwijderd. Handig!
Facebook is pas sinds kort in het (gedeeltelijk) Nederlands te krijgen en hier zijn dan ook nog niet zo heel veel Nederlanders op te vinden. Facebook was het eerste sociale netwerk dat het mogelijk maakte programma’s van andere internettoepassingen te integreren in het profiel. Later heeft Hyves dit ook mogelijk gemaakt, zodat je bijv. een kaartje in je profiel kunt tonen waarop je aangeeft waar je in de wereld bent geweest.

Nieuwe speler op de markt?

DistrictWorld heet het. Ik heb erover gelezen op Marketingfacts en moet volgens oprichters good2b en SoHomme een soort Hyves voor de hippe mens worden. De doelgroep is namelijk hoogopgeleid en cultuurminnend en hen die Hyves te massaal vinden. Je kunt kiezen of je iemand wil toevoegen als vriend of als zakenrelatie. Verder zal er meer op commercieel gebied worden ondernomen. Het zal mij benieuwen. Er komt zoveel nieuws op de ‘markt’…

Voorzichtig met gegevens

Op Webwereld lees ik dat LinkedIn haar gebruikers waarschuwt niet zomaar iedereen toe te laten in het zakelijke netwerk. Collega’s dienen niet zomaar te worden toegevoegd! Het moet natuurlijk wel een waardevol netwerk blijven en je wil niet dat bepaalde persoonlijke informatie in verkeerde handen valt. Verder waarschuwt de profielensite voor het vermelden van privé-foto’s en dialogen op het profiel. Heel zinnige waarschuwingen en helaas niet ten overvloede. Ik heb al genoeg moeite met ergens mijn achternaam neerzetten, laat staan foto’s e.d. Op Facebook had ik het even lastig, want je achternaam is er een verplicht gegeven. En er wordt gewaarschuwd dat als je probeert een onechte naam, bijv. die van een bekend persoon te kiezen, dat je geweigerd zal worden als lid. Heel flauw en eigenlijk begrijp ik het niet goed. Zonder mijn achternaam ben ik toch ook wel wat waard?

Sociale netwerken minst favoriet onder tieners

369354361 62d1976e82 300x199 Sociale netwerken onder de loep
In een artikel van Eline Kwantes van Dutch Cowgirls en ook bij Moqub lees ik dat uit Brits onderzoek blijkt dat tieners (13-17 jaar) het alweer gehad hebben met de sociale netwerken. Wonderlijk genoeg is reden nummer één dat zij zich bewust zijn van hun imago op internet en steeds voorzichtiger zijn in het achterlaten van hun persoonsgegevens. Liever ontmoeten ze mensen in het echt. Dat is toch wonderlijk. Ik ben benieuwd of hier de komende tijd meer (wetenschappelijk) bewijs voor komt!

Volwassenen en sociale netwerken

Als het werkelijk zo is, zou die trend ook kunnen doorzetten naar andere leeftijdsgroepen. Uit een internationaal onderzoek van Synovate onder 13.000 volwassen respondenten blijkt, zo lees ik op Webwereld, dat bijna de helft van de Nederlanders (het hoogste percentage!) lid is van een sociaal netwerk. Tegelijkertijd geeft méér dan de helft (tevens het hoogste percentage) aan bezorgd te zijn over zijn privacy bij sociale netwerken. Verder blijkt een gemiddeld percentage van 36% interesse te verliezen in sociale netwerken. Verklaringen hiervoor zouden kunnen zijn: 1) het fenomeen is razendsnel opgekomen en mensen werden maar lid om mee te doen; geen beste motivatie om ermee door te gaan dus. 2) velen hebben op hun netwerk vrienden uit het ´echte´ leven en face-to-face-contact blijft voor hen toch favoriet. Bovendien staat het volgende nieuwtje alweer voor de deur.

Plaatjes geleend van enda_001 en fofurasfelinas.

Super Mario redt prinses

214925146 acd74f700e 300x225 Super Mario redt prinsesHij ligt nog ergens in een kast stof te happen; mijn Nintendo Gameboy. Ge-wel-dig vond ik de Mariospelletjes. Ik moest en zou elk spel uitspelen. En nog een keer en nog een keer. Zitten kinderen nu achterin de auto dvd’s te kijken en op hun Nintendo DS te spelen op weg naar de vakantiebestemming, mijn broertje en ik speelden op onze Gameboys en hadden weinig aandacht voor de práchtige natuur (aldus mijn moeder) om ons heen.

Een stukje van dit jeugdsentiment vond ik terug toen ik op het blog Young Marketing las over een initiatief van Burger King. Dit bedrijf heeft opdracht gegeven tot het vervaardigen van een serie korte animatiefilmpjes met, jawel, Super Mario in de hoofdrol! Het eerste filmpje vond ik zo grappig dat ik deze hier graag overneem. Gezien het aantal keer dat het filmpje al is bekeken, ben ik vast niet de enige die het leuk vind! icon smile Super Mario redt prinses

Een ander leuk filmpje over Super Mario zag ik bij ZB Digitaal; over een man die Super Mario speelt en er live commentaar bij geeft…

Plaatje geleend van Jual.

Toch niet altijd online willen zijn

Schreef ik vóór mijn vakantie nog dat ik de behoefte heb altijd online te willen zijn, blijkt dat in de praktijk best mee te vallen; ik kan in elk geval best tien dagen zonder internet, tv en radio. Mijn mobieltje had ik wel bij me maar gebruikte ik alleen voor berichten aan het thuisfront. En ik heb het niet eens vervelend gevonden dat ik mijn e-mail niet kon bekijken of mijn feeds kon lezen. Geen idee of dit ook zo is als ik langer dan tien dagen verstoken zou zijn van mijn digitale speeltjes!61933600 740d951609 300x225 Toch niet altijd online willen zijn

De kater komt wel als je dan weer terug bent en ruim 500 feeds te verwerken hebt, náást de gewone post (flinke stapel maar veel reclame) en e-mail (stuk of 30). Even doorheen bijten, want ik wil geen belangrijke informatie gemist hebben, zo ben ik dan ook wel weer! Het is nu klaar en ik kan me weer aan mijn blog wijden! icon smile Toch niet altijd online willen zijn

Ben allereerst maar begonnen met een reactie op de blogpost van Wouter, die mij in een rij van 90 bibliobloggers heeft gezet. Hij wil weten wat hen motiveert om te bloggen en zal dit gebruiken in een presentatie volgende maand op de OCN, een conferentie voor informatiespecialisten.

Plaatje geleend van centralsq.