Google weet veel van je. Heel veel zelfs en het wil alsmaar meer te weten komen ook! Dit soort berichten komt zo nu en dan aan de oppervlakte en het is een feit om zo af en toe even bij stil te staan, vind ik. Google is net een hongerig beest dat steeds méér wil. Don’t be evil is de slogan van Google. Maar ik krijg er soms wel de kriebels van!
Een unieke crowdsourcing-actie van ambtenaren; roep dat je een dag organiseert voor de ‘ambtenaar 2.0′ en vraag mensen zich te melden als ze eraan willen bijdragen. Alles pro bono uiteraard. Resultaat: binnen enkele weken een overvol programma en een wachtlijst voor bezoekers! Het congres was dus al bij voorbaat een succes. En wie wil daar nou niet een steentje aan bijdragen?
23 Dingen… een cursus ook voor jouw organisatie?
Ook ik deed, net als enkele andere politiecollega’s, een duit in het zakje en zegde toe iets te vertellen over de cursus 23 Dingen. Niet zozeer om mensen te overtuigen de cursus te gaan volgen maar om ze te overtuigen zélf met de cursus aan de slag te gaan in hún organisatie. 23 puntjepuntjeDingen dus. Net als dat ik er 23 PolitieDingen van gemaakt heb en nu bezig ben met 23 OpsporingsDingen. Mijn inschatting was namelijk dat de mensen die op deze dag af zouden komen, vooral mensen zouden zijn die zelf al ‘2.0-minded’ zijn. Zij hebben dus niet zozeer die cursus voor zichzelf nodig, maar juist wel voor hun organisatie! En mijn aanname bleek heel aardig te kloppen; er werd wat afgetwitterd, gefotografeerd en gefilmd!
Open Podium
Ik had een plekje op het Open Podium gekregen, een hoekje in een grote zaal waar ook bedrijven hun diensten presenteerden en zogenoemde Pecha Kucha-presentaties plaatsvonden. Je raadt het al, het was een beetje rommelig en rumoerig. In de ochtend kozen ook nog veel mensen voor het volgen van een workshop in plaats van een kort praatje op het Open Podium. Kortom, het was rustig tijdens mijn presentatie (zie onderaan)! Later kwam ik nog wel mensen tegen die zeiden het jammer te vinden mijn verhaal gemist te hebben; er was ook zoveel keuze in workshops en andere zaken! Toen heb ik ter plekke nog maar even het verhaal verteld! Ik was niet eens echt origineel meer met mijn gebruik van Prezi in plaats van Powerpoint. Jammer hoor .
Conducteur zonder werk
’s Middags liep ik rond als conducteur, in een beeldig oranje hesje met bijpassend spoorwegenpetje. De bedoeling was de bezoekers te helpen die vragen hadden. Die bleken er nauwelijks te zijn, dus hielp ik de workshopleiders er maar aan herinneren dat ze bijna moesten stoppen. Toch nog nuttig. Aan het einde van de dag werd de Overheidsorganisatie 2.0 van het jaar uitgekozen; dat werd de gemeente Amsterdam!
Waardevolle dag
Het was een waardevolle dag voor het opdoen van contacten en inspiratie krijgen voor eigen projecten (bekijk het verslag!). Ik hoop dat het volgend jaar weer gaat lukken deze dag van de grond te krijgen en dat ik dat dan ook weer mag meemaken als (politie)ambtenaar! En wie weet behoort een Dag van de Politieambtenaar 2.0 ook nog wel tot de mogelijkheden…
Eerder schreef ik over de hoeveelheid berichten die op internet te vinden zijn van en over de politie. Van de laatste categorie is een aanzienlijk deel negatief. Maar soms verschijnt er ook weleens een positief verhaal. Een voorbeeld van beide. Van de website GeenStijl. De schrijvers van deze site laten zich vaak kritisch uit over de politie, en ik kan ze niet altijd ongelijk geven.
Eerlijk is eerlijk, hier gaan mijn tenen spontaan van krommen.
Dat gevoel had ik ook bij het volgende filmpje, maar met een andere reden: de meneer die hier aan de kant gezet is, gelooft heilig in verschillende rechten voor verschillende soorten mensen. Uiteraard heeft hij er méér dan het gewone plebs. Óf deze meneer meent het echt want hij heeft toestemming tot uitzending gegeven, met hem herkenbaar in beeld. Óf het filmpje is een hoax, in scene gezet. Dat zou natuurlijk ook zomaar kunnen. Maar dan nog, er zijn vast mensen in Nederland die er inderdaad zo over denken:
Tegenwoordig weten communicatie-afdelingen van de politie: als je op GeenStijl komt, heb je het óf heel fout, óf juist heel goed gedaan. En dat laatste komt zo af en toe ook wel voor. Zo kwamen de Twitter-activiteiten van Politie Utrechtonlangs in het vizier. Een aantal tweets waren aan inwoners uit Zeist gestuurd met de vraag of zij informatie over de zaak van de in brand gestoken vrouw hadden. Een zaak die ook op de landelijke opsporingssite politieonderzoeken.nl is gezet. Eén van die twitteraars was @trilhomo en dat is natuurlijk tamelijk hilarisch. Dat was dan ook de aanleiding van het bericht op GeenStijl. Behalve hilariteit uitte GS ook lof voor de innovatieve werkwijze van de politie. Een werkwijze die we als het aan mij ligt steeds verder zullen uitbreiden!
Volgende week het vervolg op Politie in beeld. Dan zijn de bij het onderwerp webcare betrokken collega’s bijeen geweest.
Met een groepje collega’s uit het land onderzoek ik het onderwerp webcare. Of en hoe dit voor de politie zou kunnen werken. Op het Politiecommunicatiecongres 17 november jl. zei ik daar al iets over. Om erachter te komen óf er berichten op internet zijn waar ‘we’ als politie iets mee zouden moeten doen (bijvoorbeeld: reageren!) en welk soort berichten dit dan zijn, hebben we afgesproken ieder een paar dagen internet te monitoren.
Ik had al wel een idee van; er wordt veel geschreven over de politie en veel is negatief. En zeer regelmatig verschijnen er filmpjes die niet al te best zijn voor ons imago. Maar wat moet je daar nou mee? Overal op reageren? Ik denk het niet. Om twee redenen.
Niet de moeite waard
Ten eerste blijken veel discussies niet de moeite waard om een zinvolle reactie toe te voegen; bijvoorbeeld als de discussie niet over de inhoud (van het werk, van een probleem) gaat. Of dat het überhaupt geen discussie is maar een scheldpartij. Het levert dan niets op om te proberen de discussie te beïnvloeden. Er zijn collega’s die een anti-politie-Hyves het liefst van internet zien verdwijnen. Maar waarom? Mensen hebben toch het recht hun mening te verkondigen? En ja, ik begrijp ook dat het niet leuk is om het vak waar je trots op bent zo door de mangel gehaald te zien worden. Dat is het lot van een rechtshandhaver.
Te veel berichten
Ten tweede is het ondoenlijk om overal op te reageren: het monitoren hield in dat ik drie dagen lang op de termen politie-agent-wijkagent-korpschef zocht. Ik zocht voornamelijk Twitter en blogs af (volgens afspraak met search.twitter.com, Twingly en Google Alerts). Het kostte heel, heel veel tijd om dit alles te filteren tot een aantal berichten waarvan ik dacht dat ze interessant genoeg waren om door te geven aan een bepaalde afdeling of om op te reageren. Dat waren dan bijvoorbeeld vragen, klachten of onjuiste informatie. Ik gok dat het ongeveer 5-10% is, waarbij ik dan wel de vele vele nieuwsberichten meetel die ook op Twitter verschijnen. Dat is nog eens wat anders dan alle tweets verzamelen die over bibliotheken/mediatheken worden geschreven!
Webcare nodig?
Over een paar weken komt het groepje collega’s weer bij elkaar om de resultaten van deze monitorproef te bespreken. Wanneer vinden wij nu dat webcare nodig is? En voor wie zou dat een taak moeten zijn? De centralisten die alle 0900-8844-telefoontjes aannemen? De afdeling Communicatie? De landelijke woordvoering? Decentraal bij elk korps? Of een combinatie van dit alles? Ik ben er nog niet uit. Jij?
Even tijd voor een paar filmpjes tussendoor. De eerste is eentje die ik vandaag bij ZBDigitaal zag. Het is een soort zelfhulpfilmpje voor mensen die te lang via sociale netwerken geleefd hebben. Erg grappig! Altijd goed om even de spiegel voor te houden.
Twitter is ook zo’n sociaal netwerk. Ook goed om eens in een specifieke Twitter-spiegel te kijken:
Of bekijk deze tweefilmpjes van bekende YouTube-er Lisa Nova eens.
Het jaarlijkse congres voor communicatiemedewerkers van de politie: dat vindt dinsdag 17 november 2009 plaats in De Fabrique in Maarssen. Het onderwerp is ‘bouwen aan het nieuwe werken’ en ik mag de workshop over nieuwe media verzorgen! Mooie eer, die ik zal delen met drie collega’s van andere korpsen: Renate, Ed en Arjan. Ik ben zeer benieuwd hoe de veranderende wereld, geïllustreerd door het Did you know 4.0-filmpje gaat vallen en wat ze vinden van webcare; het als organisatie online actief zijn en communiceren met je doelgroep, vertellen wat je doet en waarom. Dat zijn de onderwerpen waar ik iets over zal vertellen! De anderen zullen ingaan op YouTube, Twitter, Ning, mediawatching, gadgets en meer… Ik denk dat ik morgen antwoord krijg op de volgende vragen:
Zullen ze het gevoel hebben overspoeld te worden door alle web 2.0-voorbeelden die de revue zullen passeren? Verbaasd dat zoveel politievoorbeelden te noemen zijn?
Zien ze kansen om digitale media als middelen in hun eigen korps in te zetten, bijvoorbeeld om de betrokkenheid van burgers bij het politiewerk te vergroten?
Vinden ze dat de politie vaker en meer interactief moet communiceren (of is dat dubbelop?)?
Vinden ze dat dit een taak voor de afdeling Communicatie is of vinden ze dat meer medewerkers hierin een taak zouden moeten hebben?
We hebben ons verhaal in een presentatie op prezi.com gegoten; daar heb ik nu voor het eerst mee gewerkt en alhoewel het even wennen was, vind ik het nu een heel mooi en handig systeem! Is weer eens wat anders dan het ietwat afgezaagde Powerpoint.
Een aantal maanden geleden alweer kondigde ik op deze site aan dat ik onderzoek deed naar de combinatie rechercheurs en internet. Ik vroeg bezoekers mee te denken over wat mogelijke beren op de weg konden zijn in het gebruik van internet door rechercheurs. Ook vroeg ik wat mogelijke oplossingen konden zijn voor dit probleem. Daar kreeg ik veel slimme antwoorden op! Tijd voor een vervolg.
Internet als opsporingscommunicatiemiddel
Inmiddels heb ik het onderzoek afgerond, aangeboden aan de chef en kan ik op deze plek iets over de resultaten zeggen. De hoofdvraag van mijn onderzoek was wat de rechercheurs nodig hebben om internet op effectieve wijze in te zetten als opsporingscommunicatiemiddel. Het ging mij dus vooral om internet als communicatiemiddel en niet zozeer als middel om op te sporen. Dat bleek tijdens het onderzoek een lastig onderscheid te zijn.
Voor mijn onderzoek deed ik allereerst een literatuurstudie over web 2.0, ambtenaar/overheid 2.0 en de implicaties ervan. Vervolgens heb ik 15 rechercheurs, van de afdeling die de grote opsporingsonderzoeken uitvoert, telefonisch geïnterviewd. Ik vroeg hen naar hun ervaringen met en mening over internet. Een opvallende uitkomst is dat bijna alle rechercheurs vinden dat we op dit moment onvoldoende gebruikmaken van internet. Dat is in elk geval een goede basis voor verandering!
Belemmeringen
Uit de raadpleging van mijn bezoekers hier – en die op politie20.nl, M-DO-IT (alleen voor leden) en ambtenaar 2.0 – bleek dat je vier hoofdgroepen belemmerende factoren voor het gebruik van internet kunt onderscheiden:
onbekendheid
risico’s
geen meerwaarde zien
technische belemmeringen
Opvallend genoeg was de factor ‘geen meerwaarde zien’ helemaal niet zo’n belangrijke belemmering voor de rechercheurs. Juist tijd/capaciteit (‘we hebben geen tijd/mensen om veel met internet te doen’) en risico’s (juridisch, privacy, onjuiste informatie etc.) bleken belangrijke belemmeringen. Deze werden overigens ook gezien voor de site politieonderzoeken.nl.
Gewenste situatie
De rechercheurs gaven in het interview ook aan hoe zij dachten tot een ideale situatie te komen. Samengevat levert dat vier punten op die overeenstemmen met de theorie en aangeven waar winst te behalen valt:
meer bekendheid creëren over het huidige internet
meer gebruikmaken van internet
meer werk maken van burgerparticipatie
borgen van internet in opsporingsproces
De praktijk
Alles leuk en aardig, maar wat betekent dit nu in de praktijk? De wil tot veranderen is er, maar een aantal belemmeringen moet wel eerst worden weggenomen. Met kleine stapjes bereik je volgens mij een hoop; met 23 PolitieDingen (of 23 OpsporingsDingen?!) kunnen de rechercheurs hun ‘digibewustzijn’ al verbeteren. Verder zouden de rechercheurs met een kleinschalig project kunnen beginnen, zoals een buurtonderzoek online of (opnieuw) een cold case op politieonderzoeken.nl. Daar moet dan wel een goed plan aan vooraf gaan zodat je je succes kunt meten en kunt zien of je zo op de goede weg bent! Deze ideeën komen ook overeen met wat bezoekers hier hadden aangegeven als mogelijke oplossingen.
Aan de slag dus! Want de combinatie rechercheurs en internet is een mooie en waardevolle die vraagt om optimale benutting! Op naar politie 2.0.
Jij dacht zeker dat je goed bezig was met je Hyves-profiel! Maar denk je er wel over na welke informatie voor wie zichtbaar is? Om mensen bewuster te maken van de risico’s van het verspreiden van persoonsgegevens via internet is de overheid een campagne gestart.
Denk even niet aan de suffe start van de campagne ‘Veilig Internetten’ met enkele acteurs en minister Hirsch Ballin van Justitie op een ‘willekeurige’, doorsnee camping in Nederland. Het staat namelijk in schril contrast met de actie die het campagneteam bedacht heeft op Hyves. De cybermaffia komt naar je toe deze zomer! Ook ik werd slachtoffer (via een collega), kijk maar:
He-le-maal leuk. Verrassend, origineel, grappig én confronterend! Precies wat de bedoeling ook is. Vinden ze bij Marketingfacts ook trouwens en Edwin zegt het ook briljant te vinden. Het blijkt zelfs zo te zijn dat het filmpje afhankelijk van je profielgegevens net iets verschilt. Ook kijken wat ze de Stanislav-bende met jouw profiel uithaalt? Log dan even in op je Hyves-profiel en open het filmpje. Die tv-reclame over Sandra, die altijd inlogt met Sandra67 en dit van de daken schreeuwt, vind ik ook erg goed. Zet het jou ook aan het denken, of heb je allang voorzorgsmaatregelen genomen?
Alhoewel (nog?) maar een kleine groep mensen het communicatie-instrument Twitter gebruikt, zie ik het met enige regelmaat terug in diverse nieuwsberichten. Heeft Twitter dan enig invloed op ons leven? Een aantal opmerkelijke Twitterfeiten, verzameld in de afgelopen maanden, passeert de revue, geclusterd in thema’s: misdaad, jongeren, ‘oude’ media en gevaren. Lees ze en oordeel zelf over de invloed van Twitter!
Beroepsgedeformeerd als ik alweer ben geworden in mijn baan bij de politie, kan misdaad niet ontbreken in dit artikel. Twitter blijkt de misdaad namelijk een handje te kunnen helpen. Over inbrekers zijn de nodige artikelen langs gekomen de afgelopen tijd. Wie op Twitter zet dat hij met vakantie is, stuurt daarmee een uitnodiging naar criminelen om het huis even te komen leeghalen. Maar ja, daarin is Twitter niet uniek. Het is natuurlijk erg verleidelijk om je vrienden via Hyves even lekker te maken met jouw zonvakantie op Kreta! Het blijkt zelfs zo te zijn dat een Nederlandse inbreker Twitter bewoont en regelmatig vriendelijk bedankt voor dit soort vakantieboodschappen van andere twitteraars. Of is het misschien een PR-stunt van een politiekorps of beveiligingsbedrijf? Verzekeraar FBTO doet leuk mee door tips te geven voor veiliger gebruik van sociale media zoals Twitter en de persoonlijke gegevens die we daar met z’n allen opzetten (boodschap: kijk uit wat je erop zet!).
Twitter is… een zegen voor terroristen!
Twitter kan voor opruiende effecten zorgen tijdens demonstraties, ook tijdens de verkiezingen in Iran. Of in elk geval om elkaar te informeren over waar wat gebeurt. Ernstiger: Twitter-terroristen! Volgens Amerikaanse legerbronnen kan Twitter gemakkelijk worden gebruikt door militante organisaties om hun acties te coördineren. Leden van de Taliban zouden 80% van de inlichtingen van sociale media zoals Twitter en Facebook afhalen, aldus Britse militaire bronnen! Wie had dat gedacht…
Twitter is… een zegen voor de politie?
Twitter kan tenslotte helpen de misdaad te bestrijden. Een Amerikaanse mevrouw maakte onlangs mee dat zij in haar huis werd overvallen. Zij beschikte niet over een telefoon(lijn), wel over Twitter en dus stuurde zij het bericht naar haar volgers of iemand even 911 wilde bellen. Opmerkelijk!
Eerder dit jaar was in de media veel discussie over Twitter als informatiebron en als nieuwe toepassing in het algemeen. Zo kwam het voor het eerst op het NOS-journaal; de vliegtuigramp op Schiphol werd zogezegd op Twitter als eerste gemeld. In een uitgebreid artikel op Marketingfacts geeft Matthijs van den Broek nogal af op de traditionele media, die blijk geven niets van Twitter en andere sociale media te snappen. ‘Echte’ journalisten wachten te lang af of ontwikkelingen doorzetten en zouden wat meer moeten vertrouwen op degelijke analyses die op internet te vinden zijn.
Twitter is… een uitkomst bij gebrek aan andere kanalen
In juni werd een onderhoudsbeurt van Twitter uitgesteld vanwege de heikele situatie in Iran. Twitter bleek zo ongeveer het enige communicatiemiddel onderling en met de buitenwereld voor de demonstranten (vanwege de al dan niet zuiver verlopen herverkiezing van president Ahmadinejad). Tussen 7 en 26 juni bleken ruim twee miljoen berichtjes over de Iraanse verkiezingen te zijn geschreven. Vele twitteraars kleurden hun profielplaatje groen om hun solidariteit aan de demonstranten te uiten. Bij gebrek aan kranten, internet en televisie, bood Twitter uitkomst! Niet in China trouwens, waar ze deze en andere sociale webtoepassingen regelmatig blokkeren als het ze even handig uitkomt.
Twitter is… soms ook gevaarlijk
Overlijden als gevolg van Twitter-gebruik: het is echt gebeurd. Een 17-jarig Roemeens meisje was zo verknocht aan twitteren dat zij haar laptop meenam in bad om daar verder te twitteren. Met haar natte handen probeerde ze de stroomkabel aan haar laptop te koppelen en kreeg daarmee zo’n stroomstoot dat ze werd geëlektrocuteerd. Je kunt dus zomaar verslaafd raken aan Twitter. Misschien stiekem ook wel een reden waarom Tweede Kamerleden voortaan niet meer mogen twitteren tijdens vergaderingen. Voorzitter van de Tweede Kamer Gerdi Verbeet zegt dat debatten te vaak zouden uitlekken en de leden houden zich met andere dan Kamerzaken bezig, is de gedachte. Je zou denken dat zij Twitter zelf nog nooit heeft geprobeerd! Of heb ik toch het officiële Twitter-account van Gerdi gevonden met al 13 berichtjes? Ben benieuwd of ze het écht gaat gebruiken en wat ze er dan van vindt!
De invloed die Twitter heeft gekregen op de samenleving de afgelopen tijd is relatief groot te noemen, ondanks de nog beperkte grootte van het aantal gebruikers. Voor mij ligt de grens van belangrijk of niet bij het meerdere malen genoemd worden in het NOS-journaal door Philip Freriks! Of heel Nederland nu opeens gaat twitteren betwijfel ik. Er zal vast wel weer wat nieuws komen dat kan wat Twitter kan, maar dan beter, leuker en slimmer. Misschien ook iets dat geschikter is voor jongeren. Wat denk jij van de toekomst van Twitter en soortgelijke toepassingen?
Het nieuwste van het nieuwste is in elk geval Flutter, waarbij het om nóg kortere berichten draait:
De resultaten van de cursus 23 PolitieDingen in het kort: 69 cursisten – medewerkers van communicatie, innovatieve criminaliteitsbestrijding en rechercheurs en wijkagenten – zijn op 12 januari 2009 gestart; 28 cursisten zijn nu geslaagd; 35 zijn gedurende de rit afgehaakt; de geslaagden zijn zeer positief over de cursus. Een volgende ronde heeft positief gehoor gekregen, maar zal nog nader uitgewerkt moeten worden.
Van start
Na bij mijn vorige werkgever (een openbare bibliotheek!) kennisgemaakt te hebben met de 23 Dingen-cursus, leek het me leuk deze ook bij mijn nieuwe werkgever (de politie!) uit te voeren. Van bibliotheekdingen heb ik er politiedingen van gemaakt, voor zover mijn kennis op dat moment reikte. De afdeling Communicatie en Tegenhouden (eigenlijk: Innovatieve Criminaliteitsbestrijding) deden in elk geval mee omdat ik tot deze afdelingen behoor. Daarnaast zorgde een berichtje op intranet ervoor dat na drie dagen het aantal van 69 cursisten was bereikt. Dat leek me wel even voldoende voor een eerste ronde! Op 12 januari begon de cursus met een startbijeenkomst.
Het verloop
Over het verloop kan ik zowel hoogte- als dieptepunten noemen. Om met het grootste dieptepunt te beginnen: een aantal cursisten is niet uit de startblokken gekomen en nog eens een aantal haakte gedurende de rit helaas af. Ook enkele van de begeleiders moesten helaas opgeven. Tijd was voor velen het belangrijkste argument, of eigenlijk het gebrek daaraan.
Tijd maken
Aan de ene kant begrijp ik dat velen een druk leven hebben en dit komt er dan maar bij, maar tijd is prioriteit en die kun je altijd zelf bepalen. Mensen hebben het er blijkbaar niet voor over gehad tijd te máken voor de cursus. Velen hadden zich vrijwillig aangemeld, om het vervolgens in eigen tijd te doen, dus dan is de beslissing om ook weer vrijwillig af te melden misschien wel gemakkelijk gemaakt. Natuurlijk speelden nog wel meer factoren mee, zoals de de motivatie en technische voorzieningen.
Hoogtepunt
Hét hoogtepunt voor mij bestond uit de cursisten die wél aangehaakt bleven én het geweldig goed deden; talentvolle schrijvers ontpopten zich, je las dat er werkelijk een wereld voor ze openging en dat ze het nog leuk vonden ook. En dat ze allerlei ideeën hadden over hoe ze de geleerde toepassingen in het werk konden gebruiken. De meeste van hen waren aanwezig bij de slotbijeenkomst op 20 mei en ik zag de trots in hun ogen toen ik hen het certificaat overhandigde. Dat is de winst! En dat zijn in elk geval 28 ambassadeurs voor de cursus erbij!
Belangstelling van buitenaf
Andere politiekorpsen hebben inmiddels belangstelling getoond voor de cursus. Dat ga ik natuurlijk niet bij ze organiseren, maar ik wil ze wel de helpende hand bieden om het van de grond te krijgen. Ben benieuwd welk korps de eerstvolgende zal worden die met de cursus aan de slag gaat!
Vervolg
Uit een evaluatie onder de cursisten, waaraan zowel geslaagden als afhakers deelnamen, bleek dat zij de cursus hoog waarderen en aan collega’s aanbevelen. Natuurlijk hebben zij ook een aantal verbeterpunten genoemd. Gezien de positieve resultaten is een voorzichtige opening gecreëerd voor een nieuwe cursusronde. Ik noem het even een lowcost-voorstel wat ik gevraagd ben te schrijven. Ik ga daar maar eens diep over nadenken!
Heb jij ook 23 Dingen in jouw organisatie gedaan en kun je je herkennen in mijn ervaringen? Of ken je de cursus niet maar zou je wel interesse hebben? Laat het weten!